De uitkering van een overlijdensrisicoverzekering is in principe fiscaal belast volgens het successierecht. Om belastingheffing te voorkomen, wordt een overlijdensrisicoverzekering vaak gesplitst. Partner A is verzekerde terwijl partner B de verzekeringnemer is, en eventueel vise versa. Hierdoor is partner B de premiebetalende partij en is er geen sprake van schenking. Aangetoond moet worden dat partner B de premies ook daadwerkelijk heeft betaald. Tot slot dienen de partners op huwelijkse voorwaarden te zijn getrouwd en dienen de huwelijkse voorwaarden een bepaling te bevatten dat de verzekeringen buiten de gemeenschap vallen.

De premies voor de overlijdensrisicoverzekering zijn niet fiscaal aftrekbaar.