Achtergrond van deze regeling is de ondernemer de mogelijkheid te bieden tot het vormen van een fiscale reserve voor zijn oudedag zonder dat de liquiditeit van de onderneming hierdoor aangetast wordt. Als uw bedrijf winst maakt, mag u een deel daarvan als oudedagsreserve op uw balans opnemen. Voorwaarde is wel dat u minimaal 50% van de werktijd besteed aan werkzaamheden voor uw onderneming(en) met een minimum van 1.225 gewerkte uren op jaarbasis. Voldoet u aan deze eis, dan mag u 12% van de jaarwinst toevoegen aan de reserve met een maximum van € 11.227 (2006: € 11.050). De oudedagsreserve mag niet groter zijn dan het ondernemingsvermogen. Indien u premies heeft moeten betalen voor een verplicht gestelde pensioenregeling, dan moeten deze premies in mindering gebracht worden op het gestelde maximumbedrag. Elk jaar mag u opnieuw beslissen of u een deel van de winst als oudedagsreserve opneemt.

U dient de stand van de opgebouwde reserve opnemen op uw balans. Het opbouwen van de oudedagsreserve op de balans vormt overigens niet het pensioen op zich. Het is slechts een fiscale reserve die als bron fungeert voor het uiteindelijke pensioen. Over die reserve moet u op een later moment afrekenen met de fiscus. Vaak wordt er met het opgebouwde bedrag uiteindelijk een lijfrente aangekocht die als pensioen dient. Aangezien het hier om een fiscale reserve gaat, is het wel van belang te zorgen dat het geld uiteindelijk werkelijk beschikbaar is. U kunt tenslotte alleen een lijfrente aankopen met geld, niet met een fiscale reserve. Dit is ook een (groot) nadeel van deze vorm van pensioenopbouw: er is een mate van onzekerheid of er uiteindelijk werkelijk geld aanwezig zal zijn om een pensioen aan te kopen.