De overheid tracht met de zorgverzekering de schadelast te beperken. Om dit doel te bereiken zijn drie mogelijkheden geschapen.

  • Eigen bijdrage: Per aanspraak wordt een vast bedrag betaald door de verzekerde. Bijvoorbeeld bij kraamzorg wordt een eigen bijdrage van € 3,60 per uur in rekening gebracht.
  • Eigen risico: de verzekeraar mag de verzekerden een optioneel eigen risico aanbieden van € 100, € 200, € 300, € 400 en € 500. De verzekeraar is altijd verplicht ook een verzekering zonder eigen risico aan te bieden.
  • No-claim: er geldt een no-claim van € 255. De meeste vergoedingen vanuit de basisdekking zijn van invloed op de no-claimkorting. Wanneer de verzekerde niet het hele no-claimbedrag heeft verbruikt dan wordt het verschil in het eerste kwartaal van het nieuwe jaar uitbetaald.

Günter heeft gedurende het jaar € 75 aan medicijnen gedeclareerd en € 125 na een bezoek aan de eerste hulp. De terug te betalen no-claim is € 55.

Niet van invloed op de no-claimkorting is:

  • verloskundige- en kraamzorg;
  • huisartsenzorg;
  • kosten van een bevolkingsonderzoek;
  • zorggebonden eigen bijdragen dien de verzekeraar direct aan de zorgverlener moet betalen.

Wanneer een vergoeding zowel van invloed is op de no-claim als op het eigen risico dan gaat de no-claim voor.

Günter heeft op zijn zorgverzekering een eigen risico van € 500. Gedurende het jaar worden (in volgorde) de volgende kosten gedeclareerd: € 75 voor medicijnen, € 125 eerste hulp, € 45 huisarts, € 355 consulten medisch specialist. De medicijnen, eerste hulp en medisch specialist zijn van invloed op de no-claim. Het hele bedrag is verbruikt. De huisarts is uitgesloten van de no-claim maar niet van het eigen risico. Van de consulten van de medisch specialist resteert nog € 300. Günter moet vanuit zijn eigen risico nog € 370 betalen.